Bestuurders zijn aansprakelijk voor premieschulden
De bestuurders van een BV zijn persoonlijk aansprakelijk als de BV geen loon- en/of omzetbelasting betaalt. Als de BV de belastingschulden niet meer kan opbrengen, moeten de bestuurders dit binnen twee weken na het vervallen van de termijn melden bij de fiscus. Anders worden zij zelf verantwoordelijk gesteld voor de wanbetaling. Als er sprake blijkt van 'kennelijk onbehoorlijk bestuur' (opzet of grove schuld), worden de bestuurders alsnog aansprakelijk gesteld, tijdige melding of niet.
Onlangs speelde bij de rechtbank in Dordrecht een zaak die illustreert dat bestuurders op hun tellen moeten passen. Het ging om een BV die in rekening gebrachte omzetbelasting niet aangaf en afdroeg. De aangiften omzetbelasting liet de BV ondertekenen door een andere dan de daadwerkelijke ondernemer: een 'papieren bestuurder' die niet op de hoogte was van de verkopen en bedrijven waarmee de BV zaken deed.
De fiscus stelde die bestuurder aansprakelijk, toen betaling van de omzetbelasting uitbleef. Zijn verweer dat hij te goeder trouw had gehandeld, maakte geen indruk op de rechter. Een bestuurder behoort toezicht te houden op de administratie en de belastingaangiften. Gebeurt dat niet, dan is dat 'kennelijk onbehoorlijk bestuur'.
Ook het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) houdt streng de hand aan de aansprakelijkheid van bestuurders. Het Uwv claimde na het faillissement van een BV die geen werknemerspremies had betaald, een bedrag van EUR 140.000,- bij de bestuurders. Dat zij slechts drie weken aan het bewind waren geweest, deed daar niets aan af. De Centrale Raad van Beroep (CRvB) oftewel de hoogste rechter in sociale verzekeringszaken, oordeelde onlangs dat zij de BV onbehoorlijk hadden bestuurd, door ten koste van de schuldeisers (zoals Uwv en fiscus) salarissen en management-vergoedingen uit te betalen.
|